nieuwe maan
Welkom De maan De Natuur De Magie De Mystiek
 

Wat vind ik hier?

Planten met bijzondere eigenschappen.

Belangrijke links

Gastenboek

Kalender

Weblog

website overzicht

Startpagina

Contact

Linkpagina











 
Op deze pagina:

Vliegenzwam – Amanita muscaria.
Damiana – Turnera diffusa.
De drakenboom - Dracaena draco.
De Paardenbloem, een pest of een zegen?
Plant van wederopstanding
De stinkende roos.
Granaatappel- Punica Granatum
De Pinksterbloem - cardamine pratensis
Wilde peen - Daucus carota.
Vlier - Sambucus Nigra.
.....


Vliegenzwam - Amanita Muscaria

Iedereen kent zijn uiterlijk, maar weinigen kennen zijn naam, de Amanita Muscaria. Geen zwam speelt zo'n grote rol in de historie, culturen, legendes, mythologie en verhalen.
Als je denkt aan een paddenstoel dan zie je automatisch rood met witte stippen. Hij dient als huis voor de kabouters. Laat Alice in wonderland groter of kleiner groeien. Heeft steevast een plaatsje in elk kerststukje of doorsnee kerstkaart. Een kring van vliegenzwammen is het werk van de heks. Hij is een favoriet onderkomen voor de elfjes. De zwam wordt gerefereerd aan het voedsel der goden, maar bovenal staat hij bekend als de giftigste paddenstoel van het noordelijk halfrond.
Genoeg redenen voor nader onderzoek.

Sprookjes zijn vaak de allerlaatste halte voor oude tradities en mysteries voordat ze voorgoed vergeten raken. Kabouters en elfjes werden in oude Germaanse en Keltische culturen gezien als geesten van voorouders die nog geen afscheid konden nemen van de familieleden die waren achtergebleven. Dat de Amanita een prominente rol heeft in het leven van de kabouters lijkt een duidelijke aanwijzing dat er ook met de “rood met witte stippen” meer aan de hand is dan op het eerste gezicht  lijkt….

Op een grote paddenstoel, rood met witte stippen,
Zat kabouter Spillebeen, heen en weer te wippen,
Krak zei de paddenstoel. Met een diepe zucht,
En kabouter Spillebeen, Hoepla! In de lucht…

Het woord paddenstoel stamt uit het geloof dat padden de zwam als zitplaats gebruikten. In het Duits noemt men de zwam wel Rabenbrot, oftewel ravenbrood. Dit refereert aan de raven die Odin vergezellen op zijn schouders: Huginn (gedachte) en Munnin(geheugen). Zij aten van de zwam op hun reizen tussen Asgard en de negen werelden in de noordse mythologie. Weer terug in Asgard vertelden zij Odin de nieuwtjes.

De Amanita is inheems op het noordelijke halfrond waar hij in vochtige perioden binnen een nacht uit de grond kan schieten. Hij heeft een symbiotische relatie met de berk, eik en dennenboom. Hij leeft op het sap van de boom en geeft op zijn beurt weer stoffen af die van nut zijn voor de boom.
Als de zwam uit de grond komt ziet hij eruit als een ei, overtrokken met een wit vlies. De zwam kan in 8 uur tot volledige wasdom komen. De witte stippen op de rode hoed zijn niets anders als de restjes vlies, welke er met een regenbui makkelijke af regenen. De zwam degenereert snel in de zon of wordt opgegeten door slakken.
De zwam is te vinden van juni tot in de herfst, met als hoogtepunt augustus en september. De zwam kan 5 tot 25 cm hoog worden en de steel is wit en onderaan verdikt. Vlak onder de hoed is een karakteristieke rok te zien. Ook de lamellen onder de hoed zijn wit.
Het moge duidelijke zijn dat de zwam alleen onder de perfecte weersomstandigheden en met de juiste omgevingsfactoren te vinden is. Het is onmogelijk gebleken om de zwam te kweken.


De Amanita wordt niet voor niets de vliegenzwam genoemd. Albert Magnus  beschreef al de toepassing als insecticide. De zwam vermengt met melk zou vliegen en muggen aantrekken die na het nuttigen ervan het loodje legden. Paracelcus noemde de vliegenzwam als middel om longtuberculose en diabetes te voorkomen. Ook zou hij geschikt zijn als antiwormmiddel.
In de 17de eeuw werd hij nog wel eens ingezet tegen epilepsie, hoofdpijn of zelfs kanker.
Recentelijk heeft de homeopathische versie van de paddenstoel de volle aandacht. Het middel werd al succesvol ingezet bij hyperactiviteit, migraine, duizeligheid en als hulp bij manische depressiviteit.

Over de giftigheid van de vliegenzwam valt nog wel wat te zeggen. In werkelijkheid zijn andere leden van de Amanita familie veel giftiger. Met name de  Amanita virosa (witte kap) welke veel op de champion kan lijken en de Amanita phalloides de groene knolamaniet .(vale, olijfgroene kap) Bij een gemelde paddenstoelvergiftiging gaat men er vaak vanuit dat het de muscaria betreft maar uit nader onderzoek blijkt het om de phalloides of  de virosa te gaan.  De giftigheid hangt sterk af van het seizoen en de vindplaats. De vergiften zijn gevoelig voor hitte en zijn in water oplosbaar. Sommigen menen dat de paddenstoel na het koken in water eetbaar zijn. Regelmatig gebruik van de vliegenzwam zou belastend zijn voor de lever zoals alcohol dat is, maar meer in acute vorm.
De meest beschreven eigenschap van de vliegenzwam is uiteindelijk de hallucinogene werking.
Het nuttigen van de vliegenzwam veroorzaakt een rood en gezwollen gelaat, misselijkheid, duizeligheid, zweten, speekselvloed en verlaging van de bloeddruk. Daarnaast zou de vliegenzwam rustgevend, lustopwekkend, stimulerend werken, wat gepaard kan gaan met visioenen en euforie. Men vermoed dat Germaanse krijgers en de Vikingen gebruik maakten van de Amanita om kracht en een gevoel van onoverwinnelijkheid te bereiken. Ook zouden zij daardoor minder pijn voelen. De vrouwen zouden de zwam gebruiken als toespijs in hun gerechten om de lustopwekkende kwaliteiten.

Er lijken steeds meer bewijzen te worden gevonden dat de vliegenzwam de oudste en meest algemeen gebruikte hallucinogeen van het noordelijk halfrond was.
Gordon Wasson  heeft in de zestiger jaren uitgebreid onderzoek gedaan naar de impact die de zwam heeft gehad in de verschillende culturen. Volgens zijn theorie stond de zwam aan de basis van verschillende religieuze ceremonies. In  religieuze geschriften, zoals de Rig Veda  van de Hindoes en de Avesta van de Iranese Zorasters wordt gerefereerd aan Soma. Wetenschappers zijn er over eens dat het een plant betreft met hallucinogene eigenschappen. De ware identiteit van de plant is echter verloren gegaan doordat de volkeren zich elders vestigden en de plant aldaar niet voorhanden was. De ceremonies bleven echter bestaan en andere planten werden ingezet. Om welke plant het zou gaan heeft heftige discussies opgeleverd. Wasson bestudeerde de beschrijvingen van soma in de geschriften en opperde voor het eerst dat het wellicht om een paddenstoel zou gaan. Vooral de beschrijving dat de werkzame stof ook nog in urine van de gebruiker was te vinden en als zodanig hergebruikt werd, leverde een belangrijke aanwijzing. De werkzame stof in Amanita wordt nagenoeg onveranderd terug gevonden in urine, wat ongebruikelijk is bij hallucinogenen.
John Allegro denkt in de bijbel aanwijzingen te hebben gevonden waarin sprake is van het gebruik van hallucinogene planten. Als men de woorden het eten van vlees of brood van god in het boek van de apostel Johannes vervangt met de vliegenzwam levert de tekst aanmerkelijk meer duidelijkheid en inzicht. John Allegro was betrokken bij de vertaling van de dode zee rollen en raakte in diskrediet omdat hij tegen de geheimhouding van de werkelijke inhoud was. Volgens Allegro blijkt uit de rollen dat het christendom stamt uit een seksueel georiënteerde cultus waarin hallucinogene substanties een rol speelde. Een belangrijk ritueel, de Agape genoemd, spreekt over het zalven met o.a. zaad en menstrueel bloed. Allemaal zaken waar het hedendaagse christendom niet mee geassocieerd wil worden. De term agape wordt in het christendom nog steeds gebezigd, het staat voor onvoorwaardelijke liefde.
Aldous Huxley maakte ons attent op een afbeelding in een Franse kerk uit de 12de eeuw. Daarop staan Adam en Eva onder de “verboden fruit” boom afgebeeld als een Amanita. In Genesis staat beschreven hoe het verboden fruit de gedachte van de eter opende, kennis voortbracht en de onschuld verdreef.
Sommige onderzoekers gaan zo ver dat ze menen dat het gebruik van hallucinogene planten er toe bij hebben gedragen dat het intellect en de spiritualiteit van de mens zich in een versneld tempo kon ontwikkelen.

De Koryaks zijn een volk in Siberië die de Russische onderdrukking onder Stalin zijn ontvlucht. Ze leven van het hoeden van rendieren en jagen. Het volk kent geen professionele dokters of religieuze leiders maar elke familie heeft een sjamaan. Hij of zij wordt geconsulteerd bij ziekte of raadgeving. Kennis wordt overgedragen van generatie op generatie.
De sjamaan heeft een actieve rol in rituelen, waaronder trance-inducerende dansen, gezang en het bespelen van trommels. Het volk geloofd dat alles om hen heen bezield is en dat transformatie naar een andere bezieling mogelijk is. Ze geloven ook in kwade geesten waartegen ze zichzelf moeten beschermen. De Amanita wordt ingezet om te assisteren op hun pad.
De berk (de inheemse Betula ermanii) wordt gezien als de verbindingsweg tussen de wereld om ons heen, de boven en onderwereld. Soms wordt er een ladder gemaakt van de berk als visueel hulpmiddel voor de sjamaan waarlangs hij of zij kan gaan tijdens de zoektocht naar genezing, advies , contact met voorouders of om geesten gunstig te stemmen en een vruchtbare jacht te bewerkstelligen.
De manier waarop de Amanita geoogst en gebruikt wordt is uitgesproken. Het getuigt van een respectvolle en religieuze band met de paddenstoel. Zo worden allen de paddenstoelen gebruikt die in de nabijheid van de berk staan. Alleen de jonge en alleenstaande worden met de hand uitgegraven. Er wordt geen mes gebruikt. Alle andere Amanita’s worden als inferieur beschouwd. De jongeren verzamelen de paddenstoelen in de zomer en vroege herfst en worden in de winter voornamelijk gebruikt door de ouderen. De paddenstoelen worden aan draden of dunne twijgen geregen met de hoed omhoog, waarna ze op een luchtige plek in de schaduw worden gedroogd.
De Amanita wordt nog op andere manieren ingezet. Muzikanten gebruiken de paddenstoel om hun creativiteit te verhogen en geven hun de kracht om de hele nacht te musiceren. Herders gebruiken de paddenstoelen voor een beter uithoudingsvermogen om weggelopen rendieren terug te halen. De Amanita is een standaard onderdeel van jaarfeesten en trouwerijen.
De Amanita wordt gewoonlijk gedroogd genuttigd en in zijn geheel, opgerold als een balletje, door geslikt, daar het kauwen erop misselijkheid en darmbezwaren oplevert. Of de hoed word in blauwe bessensap geweekt en opgedronken. De eenheden die worden ingenomen dienen oneven in getal te zijn.
 De sjamaan geeft Amanita aan oudere mensen om s ’nachts beter te slapen en overdag meer energie te hebben. Verwerkt als een papje werkt het pijnstillend en ontstekingsremmend op wonden en artritis. Verse stukjes van de hoed worden ingezet voor de behandeling van de keel en bij kanker.

Met deze informatie in het niet verwonderlijk dat er stemmen op gaan die zeggen dat de
Kerstman zijn wortels heeft in deze traditie.
De Kerstman komt uit Siberië. Rijdt op een slee getrokken door rendieren en vliegt(!) daarmee door de lucht. (Het is bekend dat rendieren gek zijn op Amanita en ze eten ze graag.)
 Zijn pak is rood met wit, net zoals de rituele kleding van de Koryak sjamaan. Zijn gelaat is bol en hij heeft een uitgesproken rode neus, evenals Rudolf, een van zijn rendieren. (Een gezwollen en rood gelaat zijn bijwerkingen van het gebruik van Amanita.) Zelfs zijn beroemde kreet HO,HO, HO! lijkt te verwijzen naar de euforie die de paddenstoel kan veroorzaken. Hij maakt iedereen blij met zijn presentjes, wat te vergelijken valt met het werk wat de sjamaan verricht om zijn medemens te helpen met behulp van de Amanita.
En ook al zou deze veronderstelling niet voldoende wetenschappelijk onderbouwd zijn, ik vind het een geweldig verhaal.



Damiana - Turnera Diffusa

Damiana is een kleine struik van ongeveer 1 a 2 meter hoog. Ze groeit in de subtropische gebieden zoals Texas en Mexico. Zij draagt ingesneden bladeren van ongeveer 10 tot 25 cm lang welke aromatisch zijn. De kleine gele bloemen bloeien de gehele zomer waarna er kleine vruchtjes verschijnen.  Ze zijn klein, ruiken zoet en hebben de smaak van vijgen. De actieve ingrediënten zitten in de blaadjes welke geoogst worden tijdens de bloei.
Damiana heeft een rijke historie. De Maya’s en Azteken gebruikten haar als afrodisiaca en bij “verstoorde balansen”. Zij noemden het kruid “mizib-coc”, het wezen dat de slechte wind (astma) uit het lichaam verdrijft. Voor hen was het een van de belangrijkste geneeskruiden. Ze werd succesvol ingezet bij bronchiale klachten, urineweg infecties, algehele malaise en spijsverteringsproblematiek.
De Mexicaanse indianen maakten er een minnedrank van of rookten de blaadjes als voorbereiding op een liefdesnacht. Het kruid werd in ceremonies verbrand om visioenen op te roepen. In Mexico is Damiana een belangrijk heelkruid gebleven. Door de historie heen is zij naast bovenstaande ook ingezet bij steriliteit, impotentie, als antidepressiva, hoofdpijn, slapeloosheid, diabetes, constipatie, menstruele problemen, de menopauze, diabetes en bedplassen. In de dertiger jaren van de vorige eeuw werd Damiana gebruikt door fokkers van paarden en koeien.
De likeur die tot op heden van Damiana wordt gemaakt is in Mexico erg populair.
Damiana dankt haar naam aan de beschermheilige van de apotheken in Mexico.
St. Damiana en zijn tweelingboer behandelde lepralijders tot dat zij als martelaren stierven onder het bewind van Diokletian in 303 na onze jaartelling.
De eerste wetenschappelijke studies over Damiana dateren al van 100 jaar geleden.
Damiana bevat 0,5 tot 0,9 % etherische olie, (welke uit meer dan 20 ! verschillende stoffen bestaat) 4% Tannine, 7% hars en 0,2 tot 0,7 % glycosiden.
Uit onderzoek is gebleken dat de stoffen hun effect hebben op het centrale zenuwstelsel en de hormoonbalans. Het kruid geeft een ontspannend effect en de prikkeloverdracht tussen de zenuwcellen wordt verbeterd. Op alle hormoonproducerende klieren zoals de alvleesklier, geslachtsorganen, bijnieren en hypofyse heeft Damiana een balancerende uitwerking waardoor klachten van betreffende organen kunnen verbeteren. De etherische olie heeft antibacteriële eigenschappen en de tannine reguleert overmatige secretie. Deze eigenschappen te samen maakt dat ze ingezet kan worden als algeheel vitaliserend middel.
Als afrodisiaca is zij omstreden. Uit het meest recente onderzoek is echter gebleken dat vooral stress gerelateerde seksuele problemen verbeteren met dit kruid.

Bij normaal gebruik is het kruid onschadelijk. Van de thee gebruik je 1 a 2 kopjes per dag. Van de tinctuur 1 ml per dag. Capsules met gemalen kruid dienen 2 x daags te worden genomen. Het effect zal na een week worden opgemerkt.
Overmatig gebruik zou leverbeschadigingen kunnen opleveren daar het kruid een stapeleffect vertoond. Ook dient men er alert op te zijn dat Damiana de ijzerresorptie  vertraagd. De werking van antidiabetica, bloeddrukverlagende middelen en antidepressiva kan door Damiana worden versterkt.  Gebruik tijdens de zwangerschap wordt afgeraden vanwege het stimulerende effect op de voortplantingsorganen.
 
Ook magisch gezien is Damiana een interessant kruid dat op allerlei manieren kan worden ingezet. Het is het aangewezen kruid bij liefdesmagie. Reserveer een vrijdag (de dag van Venus) voor jouw en je geliefde en geniet van onderstaande recepten en elkaar om de passie nieuw leven in te blazen.

Damiana likeur
Ingrediënten: 25 gram Damiana, 500ml wodka, 250ml bronwater en 4 tot 8 eetlepels honing.
Laat de Damiana 5 dagen in de wodka trekken. Filtreer met behulp van een koffiefilter. Zet de wodka weg en laat de zelfde kruiden nu 5 dagen in het water trekken. Filtreer opnieuw. Verwarm de wateroplossing genoeg zodat de honing oplost, de hoeveelheid honing aanpassend aan je persoonlijke smaak. Laat het geheel afkoelen en voeg de wodka toe. Gebruik 1 a 2 likeurglaasjes per dag. Na vijf dagen zal het resultaat merkbaar zijn.
Thee voor twee
Ingrediënten: 1 theelepel Damiana, kamille, citroenmelisse, pepermunt en jasmijnbloesem, een mespuntje geraspte sinaasappelschil.
Giet een halve liter kokend water op het kruidenmengsel en laat het 15 minuten afgedekt trekken.  Zeven en heet serveren.


Het ontspannende effect en de verbeterde prikkeloverdracht in het zenuwstelsel maakt dat Damiana goed gebruikt kan worden bij meditaties, astrale reizen, het werken met dromen en divinatie.
Hiervoor kun je Damiana inzetten als wierook. Je kunt het kruid op een gloeiend kooltje strooien maar het is ook heel gemakkelijk om er wierookkegeltjes van te maken. Gebruik maatlepeltjes om de juiste mix te verkrijgen.

Ingrediënten: 2½ theelepel tot poeder vermalen Damiana, ¼ theelepel wit sandelhout, ⅛ theelepel tragacant en 1½ theelepel water. Roer de droge ingrediënten eerst goed door. Voeg daarna het water toe totdat er een kleiachtige massa ontstaat. Rol hiervan 5 a 6 kegeltjes. Laat ze 4 dagen drogen voor gebruik. De geur is kruidig en mysterieus. Ze heeft wel wat weg van de geur van marihuana.

Damiana kan ook gerookt worden. Meng hiertoe een derde Damiana met tweederde tabak. Het effect is merkbaar na een kwartier en houd zo’n anderhalf uur aan.
Voor een eenvoudige thee gebruik je een flinke theelepel kruid op een kop heet water. Geef de infusie 10 minuten de tijd om te trekken. Eventueel kan er gezoet worden met wat honing naar smaak.

Damiana wordt geassocieerd met Venus, maar ook de energie van Mercurius en Mars passen bij haar. Ze past goed in liefdesamuletten. Sympathetisch kun je haar inzetten om de werking van de kristallen bol of zwarte spiegel te versterken. Leg daar toe wat kruid op de plek waar je schouwgereedschap wordt bewaard.



De drakenboom - Dracaena draco

Volgens een Griekse legende was er ooit een draak met duizend koppen, Landon genaamd , die de tuin van de nymfdochters van Atlas bewaakte. Hercules, die als onderdeel van zijn 12 opdrachten op zoek was naar drie gouden appels, betrad de tuin en raakte in gevecht met de draak Afhankelijk van de versie van de legende werd de draak gedood door Hercules of door Atlas (als straf). Daar waar het bloed op de aarde viel begonnen drakenbomen te groeien.

De legendarische tuin zou zich op een eiland achter het Atlas gebergte van Marokko bevinden. De Drakenboom is alleen te vinden op de Canarische eilanden. Het vlezige oranje fruit dat ze draagt zouden de gouden appels kunnen voorstellen en de donkerrode hars van de boom het bloed. Samen met het aanzien van de boom is het makkelijk voor te stellen hoe deze legende is ontstaan.

Door de eeuwen heen is de hars geprezen om zijn mythische en magische waarde. De oorspronkelijke bewoners van de eilanden gebruikte de hars in hun traditionele mummificatieproces en als kleurstof om zichzelf en ornamenten te decoreren.” Drakenbloed” was een gewild ingrediënt in allerlei alchemistische recepten. Heden wordt de hars nog steeds gewaardeerd om houten meubelen te behandelen waardoor ze een harde glimmende beschermlaag krijgen.

De boom groeit op rotsachtige droge gronden en groeit zeer traag. Het duurt meer dan 10 jaar voordat de boom bloeit. Ze is dan amper een halve meter hoog. Door de bloeiwijze ontstaan de vertakkingen waardoor de karakteristieke kruin ontstaat die verwijst naar de duizendkoppige draak. Daar deze boom geen jaarringen vertoont kan de leeftijd van een drakenboom alleen geschat worden naar het aantal vertakkingen in de kruin. Ze bloeit eens in de tien jaar(!)
Het fruit was ooit het voornaamste voedsel van een dodoachtige vogel ter grootte van een kalkoen. Daar deze vogel is uitgestorven wordt het zaad van de boom niet meer “voorbewerkt”  door het maagdarmkanaal van de vogel en zal het niet ontkiemen. Om de boom niet te laten uitsterven wordt dit proces door de mens nagebootst.

De boom wordt, mede door zijn legendes en zijn karakteristieke vorm, met groot respect behandeld en verzorgd en op vele manieren gezien als het symbool van de Canarische eilanden.

Drakenbloed is ook binnen de hekserij een gewild item. Door haar rode kleur wordt ze geassocieerd met de planeet mars en het element vuur. Ze kan worden ingezet bij rituelen die kracht, geluk, liefde, bescherming en vruchtbaarheid ondersteunen. Er wordt wel gezegd dat drakenbloed de gebeurtenissen versneld.  Als wierook brand het slecht en kan alleen op een gloeiend kooltje worden gebruikt. De mysterieuze geur lijkt veel op die van Olibanum en de rook brengt balans en helderheid. Drakenbloed wordt vaak nagemaakt. Het betreft dan een mengsel van talk, rood sandelhout en Olibanum . In veel tradities wordt drakenbloed gebruikt om magische inkt te maken waarmee spreuken en rituelen worden geschreven in het boek der schaduwen.

Drakenbloedinkt kun je zelf maken:
5 a 10 gram drakenbloed
30 a 50 ml wodka
Stokje kaneel
Vanille peul
De laatste twee ingrediënten zijn optioneel, maar je inkt gaat er heerlijk van ruiken.
Voeg de ingrediënten samen in een schone, afsluitbare glazen pot.
Laat enkele weken staan totdat de gewenste kleur is bereikt. Regelmatig schudden versnelt het proces. Zo nodig kun je tussendoor het geheel zeven en opnieuw verse ingrediënten toevoegen. Als het beoogde resultaat is bereikt dient het meerdere malen gezeefd te worden door een koffie filter. Vaste deeltjes zullen namelijk snel je kroontjes pen verstoppen. Om de vloeistof wat meer “body” te geven kun je wat Arabische gom oplossen in de inkt.
Als de inkt wat langer staat zal er altijd weer wat hars kristalliseren. Dit bemoeilijkt het gebruik. Leuk om mee te experimenteren voor de puristen onder ons.



Paardenbloem, pest of zegen?

Een ieder die zijn tuin “onkruid” vrij probeert te houden zal wel eens een zucht van irritatie gelaten hebben bij de aanblik van de paardenbloem, die onuitroeibaar lijkt.
Toch verdient dit kruid meer ruimte en aandacht dan het geval is. Het is één van de waardevolste kruiden die de Nederlandse bodem te bieden heeft. Wist je bijvoorbeeld dat de wortel van het kruid vaste gronden los maakt en voedingsstoffen uit diepere lagen naar boven haalt?

In oude tijden werd het kruid Dens Leonis genoemd, wat vertaald naar het Nederlands leeuwentand oplevert. In het Frans Dent de Lion wat nog voortleeft in het Engelse Dandilon.  Het kruid had nog veel meer volksnamen, zoals Pissebloem en Papencruyt.
Het leuke van deze namen is dat ze je gelijk al informatie verschaffen over de werking van de paardenbloem: Ze geeft je kracht, ontwatert en is voor iedereen beschikbaar.

Astrologisch gezien valt de paardenbloem onder de heerschappij van Jupiter. Kruiden die onder Jupiter vallen groeien vaak expansief en de Paardenbloem is daar een goed voorbeeld van. Een enkele bloeiende plant kan in een goed seizoen 5 nieuwe generaties voortbrengen! Het zaad kan zich zonder tussenkomst van insecten voor bevruchting voortplanten. De Paardenbloem bloeit van maart tot november, met april als hoogtepunt.

De karakteristieke pluizenbol werd in de middeleeuwen analoog gezien aan de halo’s waarmee heiligen in die tijd werden afgebeeld en zodoende is er een link gelegd met het spirituele. Jupiter heerst over het element lucht, prachtig gesymboliseerd door het zaad  wat met een zuchtje wind verspreid wordt.
Dit fenomeen heeft kinderen van alle leeftijden en in alle tijden uitgenodigd om met de pluizenbollen te orakelen. Blaas je alles in één keer weg, dan brengt het geluk. Het aantal zaadjes dat je wegblaast staat voor het aantal jaren dat je nog leeft. Paardenbloemen waren ook geliefd om kettingen van te maken. Overlangs gedeelde stengels krullen namelijk op in water. De holle stengels werden als rietjes gebruikt. Maar neem geen paardenbloemen mee naar huis, want dan plas je in je bed!

De Paardenbloem maakt deel uit van een Keltische legende waarin zij gezien wordt als het kind van vader zon en moeder aarde. Elke ochtend als zij wakker wordt opent zij haar bloemblaadjes en volgt zij de zonnestralen van oost naar west om daarna haar bloem stevig te sluiten en terug te keren in de boezem van moederaarde. Daar de wortel van de Paardenbloem diep in de aarde groeit werd er aangenomen dat de plant contact had met de onderwereld en met haar bloem de krachten van de zon kon opslaan. Hierdoor zou het kruid de kennis hebben van leven, dood en hergeboorte. Door regelmatig Paardenbloem tot je te nemen zou je de intuïtie en telepathische krachten in jezelf versterken.

Joviaanse kruiden zoals de Paardenbloem, werden gezien als middel om de lever en het daarbij behorende sanguinische temperament te versterken. De andere temperamenten zouden hierdoor in balans worden gebracht. De kruiden voeden het bloed, hebben een openend en reinigend effect op lever, gal, pancreas en milt en sterken het kritische vermogen van de patiënt aldus Culpeper. Interessant is de benoeming van de werking bij hypochondrie.
Vandaag de dag wordt deze term gebruikt bij mensen die zich te veel zorgen maken over hun gezondheid terwijl er niets aan de hand is. In de tijd van Culpeper gebruikte men het woord in de zin van de  letterlijke vertaling uit het Grieks: een ziekelijke conditie onder het kraakbeen. De lever, liggend onder het kraakbeen dat de ribben met het borstbeen verbind, geeft bij een disfunctie vaak vage klachten: gevoeligheid onder de ribbenkast en vermoeidheid. Omdat er regelmatig geen andere fysieke klachten gevonden worden zijn deze symptomen door artsen nogal eens bestempeld als hypochondrie in de zin van “ingebeelde ziekte”. 

Ook nu wordt de wortel van de Paardenbloem nog steeds gewaardeerd als zijnde het beste en veiligste kruid om lever en gal problemen te behandelen. De bladeren van het kruid zijn een uitstekende diuretica welke vooral ingezet worden bij een hoge bloeddruk. Een groot voordeel is dat dit kruid de nieren niet irriteert, voornamelijk de uitscheiding van natrium bevorderd zonder al teveel kalium te verliezen, wat bij andere diuretica vaak wel het geval is. Dit komt omdat het kruid zelf een hoog gehalte aan kalium bevat.
De lever is de ontgifter van het lichaam. Door de lever te stimuleren worden gifstoffen efficiënter en sneller afgevoerd. Met de opvatting dat de meeste ziekten zetelen op vervuiling in het lichaam kan men begrijpen dat paardenbloem in elk kruidenmengsel een plaatsje verdient. Tijdens reinigingskuren neemt zij dan ook een voorname plaats in.

De Paardenbloem is een veelzijdig voedingsmiddel. In vroegere tijden was het één van de eerste kruiden die beschikbaar was om als groente te eten. De jonge bladeren smaken in de vroege lente minder bitter en zitten boordevol vitaminen en mineralen, een hoognodige toevoeging na het eenzijdige voedsel van de winter.  De knoppen van de bloem kunnen worden ingelegd in het zuur als een alternatief voor kappertjes. Gekookte bloemknoppen smaken zoals spruitjes. De wortel werd vroeger net zoals van de cichorei gebrand  om er surrogaatkoffie van te brouwen.      

Tot slot nog een gedichtje, want na zo’n verhaal is zij nooit meer zomaar een Paardenbloem:

De gouden pracht is uitgebloeid,
De kleine zonnen zijn vergloeid,
Het zilveren lantaarntje glimt,
Haar licht voordat het dimt,
Door de wind die haar pluisjes verwaait,
En nieuwe gouden zonnen zaait.



Plant van wederopstanding

De Selaginella pilifera, ook wel de roos van Jericho genoemd, is een primitieve plant die al 400 honderd miljoen jaar op aarde leeft. De plant produceert geen bloemen of vruchten maar heeft een levenscyclus zoals die van de varens. Haar uiterlijk heeft ook wat weg van de varen, alleen betreft het hier een woestijnplant en is voornamelijk te vinden in landen zoals Syrië, Egypte, Mexico en de staat Texas in het zuiden van de V.S.
De naam geeft al aan dat het hier een plant betreft die telkens weer kan regenereren.
Om te kunnen overleven in een omgeving waar water schaars heeft de plant een opportunistische levenswijze. Daar de plant geen water vast kan houden zoals cacti, droogt ze bij gebrek aan water uit, wordt bruin en rollen de bladeren (wat eigenlijk geen bladeren zijn maar uitstulpingen van de takjes) zich op als een bal. De plant lijkt dood maar is slechts slapende. In deze toestand kan zij jaren overleven. De wortels trekken zich terug uit de grond zodat ze met de wind meegevoerd kan worden. Eenmaal beland op een plek waar vocht beschikbaar is zal de plant zich opnieuw settelen, weer groen worden en haar sporen verspreiden om voor een nieuwe generatie te zorgen.

Dat zo’n plant tot de verbeelding spreekt is duidelijk. Het wonder dat een ogenschijnlijke dode, opgedroogde bal takjes weer kan opleven geeft direct associaties met wederopstanding, regeneratie of reïncarnatie. Ook het vertrouwen van het plantje dat de wind haar zal brengen waar weer nieuw leven mogelijk is. In verschillende culturen geld de plant dan ook als symbool voor het eeuwige leven en vertrouwen in de natuur en het geloof.

De plant heeft haar naam de “roos van Jericho” te danken aan het verhaal van Jozef en Maria die vluchtte met het kindje Jezus voor koning Herodes. De koning had namelijk vernomen dat er een nieuwe koning was geboren. Uit angst om zijn positie te verliezen liet hij alle eerstgeborene zonen vermoorden. Tijdens hun vlucht over de vlakte van Jericho stapte Maria van haar ezel om te rusten. Met elke voetstap die zij maakte ontsprong er de “roos” om het kind wat zij op haar arm droeg te begroeten. De rozen floreerden tot het moment dat Jezus stierf aan het kruis maar kwamen weer tot leven op het moment van zijn wederopstanding.
In de middeleeuwen werd de plant door pelgrims in Europa geïntroduceerd. De plant maakte veel indruk en het duurde niet lang voordat de legende haar ronde deed. Zij werd een symbool van voorspoed en geluk en prijkte op menig familiewapen of werd als talisman doorgegeven aan de  volgende generatie.
 
In Mexico wordt zij gewaardeerd om haar diuretische eigenschappen. Daarnaast heeft zij een plek in voodoo rituelen om geld, geluk of liefde te genereren. Als talisman is ze instaat om negatieve energie te absorberen.
Die eigenschap zien we ook terug bij de Bedoeïenen. Daar wordt zij ingezet om de bevalling te verlichten. Zij drinken daartoe het water waarin de plant wordt gekweekt. Bovendien zouden zij aan de snelheid waarmee de plant zich opent kunnen aflezen hoe lang de bevalling zou gaan duren.
Woestijn sjamanen leggen de droge plant op een aangedaan deel van een zieke en besprenkelen het met water. Terwijl de plant zich opent prevelen zij magische spreuken.
Doordat de wortels onder invloed van het water weer contact zoeken met de aarde absorberen zij pijn en ongemak. Na de behandeling word de plant weer terug gegeven aan moeder natuur zodat de plant gereinigd kan worden door de wind.

De plant is thuis gemakkelijk te onderhouden. Een droge bol zal in een ondiepe schaal met vers water binnen enkele uren ontluiken. Het water dient dagelijks ververst te worden. Het is belangrijk dat de plant na elke periode  van “bloei”  (ongeveer een week) weer de kans krijgt om helemaal in te drogen.
Het water waarin de plant heeft gestaan kun je inzetten bij rituele reiniging van huis, lichaam of gebruiksvoorwerpen.
De groene plant helpt de lucht schoon en fris te houden en in droge vorm weert het insecten.



De stinkende roos

Waar die naam vandaan komt heb ik niet kunnen achterhalen, maar het drukt prachtig de haat liefde verhouding uit die de meeste mensen met dit kruid hebben.
Allium Sativum, de knoflook, wordt al sinds mensenheugenis om zijn geneeskrachtige waarden  geprezen en om zijn geur vervloekt.
Ze is een van de mooiste voorbeelden van de stelling dat voedsel je medicijn en medicijn je voedsel moet zijn en is een van de eerste gewassen die op grote schaal gecultiveerd werd.

De knoflook is een overblijvend en vorstbestendig knolgewas. Zij behoort tot de lelieachtigen. De roze, witte bloemetjes  bloeien in bolvorm. De bieslook, prei, ui en daslook zijn allemaal familie van haar. Oorspronkelijk komt ze uit het Middellandse zee gebied.
Al ruim (1500!) voor onze jaartelling werd de geneeskrachtige werking van knoflook door de Egyptenaren beschreven. De arbeiders van de piramiden  kregen de bol dagelijks te eten om hun prestatievermogen te verhogen. De bol werd als zo waardevol beschouwd dat ze goed genoeg was om als offer te dienen aan de goden of om mee te geven in graven voor het hiernamaals. Pliney beschreef het als lustopwekkend middel. Ik neem aan dat hij het dan aan beide geliefden voorschreef. Later werd knoflook door zijn geur met name in hogere kringen geweerd en werd het als ongepast beschouwd om het te nuttigen.
In de middeleeuwen werd knoflook op grote schaal gebruikt om beschermen te bieden tegen de pest. De toepassing was zuiver empirisch; mensen die het kruid dagelijks gebruikten bleken beter tegen allerlei besmettingen bestand te zijn.
Pas in 1858 werd er door Louis Pasteur wetenschappelijk bewezen dat de knoflook antibacteriële eigenschappen heeft. In de tweede wereld oorlog werd het nog veel ingezet als alternatief antibiotica voor de soldaten. Nu, anderhalve eeuw later, weten we dat die antiseptische eigenschap slechts het topje van de ijsberg is.

Knoflook is een kruid met een aanvurend karakter. Zij stimuleert de spijsvertering en het immuunsysteem. Gal en lever worden gestimuleerd. De enzymen in knoflook verbeteren de zuurstofuitwisseling in de weefsels waardoor ze optimaal gifstoffen kunnen uitscheiden.  . Daarnaast zuivert knoflook het bloed en beïnvloed de viscositeit waardoor slibvorming van plaque en bloedstolsels wordt tegen gegaan. Dit is gunstig voor de bloeddruk en het verlaagd de kans op infarcten. Er wordt wel gezegd dat de stollingstijd van het bloed bij regelmatig gebruik tot 30% kan worden verlengd. Iets om rekening mee te houden als je geopereerd moet worden of coagulantia moet gaan gebruiken.
De bol is rijk aan mineralen en sporenelementen en een groot aantal zwavel verbindingen.
Zwavel is een sporenelement die een belangrijke rol speelt in de ontgifting van het lichaam.
Een ander belangrijk sporenelement in knoflook is Selenium. Van deze stof is een relatie gelegd tussen het percentage in het bloed en het sterftecijfer door kanker.
Knoflook wordt gezien als mogelijk kandidaat in de strijd tegen kanker.

De zwavelverbinding allicine is verantwoordelijk voor de doordringende geur. Deze stof wordt rechtstreeks opgenomen in het bloed en uitgescheiden via de longen en de huid.
Allicine zorgt voor de antibacteriële werking van knoflook. Naast bacteriën blijken ook virussen en schimmels gevoelig te zijn voor deze stof. Het inzetten van knoflook brengt echter geen resistentie te weeg zoals antibiotica dat doen. Helaas is de stof instabiel en gevoelig voor hitte. Alleen in verse toestand kunnen we optimaal van deze eigenschap gebruik maken.
De geur van knoflook werpt een grote barrière op om het dagelijks te gebruiken. Men heeft dan ook op verschillende manieren geprobeerd om dit te omzeilen. De geurstof is echter essentieel voor de werking van allicine en reukloze knoflook preparaten zijn dus niet antibacterieel werkzaam. Het gebruik van melk of peterselie zijn niet afdoende om de geur te bestrijden. Maar als we massaal aan de knoflook gaan geniet iedereen van de heilzame werking en klaagt niemand meer over de stank.
Om baat te hebben bij de eigenschappen van knoflook dient ze langdurig te worden ingezet. Een verse teen knoflook per dag wordt gezien als een onderhoudsdosering. Te veel knoflook kan maagbezwaren opleveren. Sommige mensen zijn allergisch voor knoflook en krijgen last van krampen, flatulentie en diarree. Knoflook als medicijn past niet bij cholerische typen, daar die al een overmaat aan vuur bezitten.

Magisch gezien is knoflook het meest gewaardeerd om haar bescherming tegen bovennatuurlijke en kwade krachten. Eigenlijk niet zo gek dat men er vanuit ging dat de knoflook ook een goed middel zou zijn om je te beschermen tegen het boze oog, de duivel, vampiers, weerwolven en hekserij. Geur heeft iets ongrijpbaars. Je kunt het niet zien, maar je kunt er ook niet omheen. Daarbij weert de geur muskieten, die net als vampiers bloed zuigen. Knoflook correspondeert met mars en vuur. Ze werd ingezet als amulet of in rituelen om kracht, doorzettingsvermogen en bescherming op te roepen. In de kerk werd knoflook uitgedeeld om mogelijke vampiers te ontmaskeren. Om te voorkomen dat overledenen in vampiers zouden veranderen werd er een teentje knoflook in de mond gestopt.

Het is opmerkelijk om te lezen hoe deze veronderstelling eeuwen later nog een staartje heeft. In een poging om het verschijnsel van vampiers en weerwolven te verklaren denkt men die gevonden te hebben in de erfelijke ziekte Porfyrie.
Porfyrie is een stofwisselingsziekte van de lever, waarbij een bepaald enzym niet voldoende aangemaakt wordt. Dit enzym regelt de productie van hemoglobine, de stof die zuurstof transporteert in het bloed. Door de verstoorde productie van het enzym hoopt zich een bepaalde voorloper van het hemoglobine op in het bloed. Dit is het porfyrine wat wordt  uitgescheiden via de urine en de ontlasting. Meest kenmerkende verschijnsel is het donker worden van de urine wanneer deze in het licht staat. De ziekte treedt vaak op in aanvallen, die uitgelokt worden door verschillende factoren zoals: stress, te weinig eten, alcohol en sommige medicijnen. De huid kan bruin verkleuren en zeer gevoelig zijn voor zonlicht waardoor er blaren en zelfs zweren kunnen ontstaan. Soms is er overmatige haargroei op het voorhoofd. De patiënt kan last hebben van angstaanvallen en hallucinaties.
Laat het nu het geval zijn dat het gebruik van knoflook de symptomen van deze ziekte verergeren.



granaatappel - punica granatum

De granaatappel behoort tot één van de oudste fruitsoorten die de mens kent. Ze heeft een uitgebreide culturele geschiedenis, komt voor in vele mythen en legendes en is altijd inspiratiebron geweest voor kunstenaars zoals dichters en schilders.
Van origine uit Aziatisch gebied werd ze rond 100 B.C. geïntroduceerd in China. Van daar uit verspreidde de vrucht over de wereld en wordt nu vooral geteeld in het middellandse zeegebied, California en Japan. Ze gedijt in drogere streken en is altijd groen. De kleine boom wordt niet hoger dan 3 meter en heeft een lichtbruine, ietwat ruwe bast en dikke glanzende ovale bladeren. Als oude bladeren afvallen, komen nieuwe uit de knop. Tijdens de bloei produceert ze grote alleenstaande bloemen in een rode kleur. De vrucht heeft afmetingen als die van een grapefruit. De schil is taai met kleuren variërend van geel tot oranje en rood. Het vruchtvlees bestaat uit kleine cellen met een rode geleiachtige substantie rond een eetbaar zaadje. Ze hebben een heerlijke zoetzure smaak. De cellen zijn in groepen gescheiden door een vlies.

De granaatappel dankt haar naam aan het feit dat als rijpe vruchten op de grond vallen ze als een granaat uiteenspatten en honderden zaadjes zich verspreiden.
Het ''granatum'' komt van het Latijnse woord voor korrel, ''granum''.
De edelsteen granaat is waarschijnlijk naar de granaatappel genoemd, niet alleen vanwege de kleur, maar ook vanwege de vorm van de cellen, die wel wat op edelsteentjes lijken.
De Spaanse stad en provincie Grenada zijn naar de granaatappel vernoemd, in het wapen van de Spaanse staat komt de granaatappel voor.

De granaatappel heeft door de eeuwen heen symbool gestaan voor overvloed, vruchtbaarheid, dood en wedergeboorte. De rode kleur van het sap werd geassocieerd met bloed en daardoor ook met de menstruatie.

De meest bekende mythe is die van Demeter en Persephone:
Persephone (godin van de vruchtbaarheid) was de dochter van Demeter (godin van de landbouw) en Zeus. Op een nacht maakte zij een wandeling en plukte een Narcis. Pluto werd verliefd op haar en ontvoerde haar naar de onderwereld. Demeter was erg verdrietig, want zonder Persephone kon er niets groeien op aarde. Persephone op haar beurt weigerde voedsel tot haar vrijlating.
Zeus haalde Pluto over om zijn dochter vrij te laten want zonder voedsel zouden zij en de aarde sterven. Maar de tuinman van de onderwereld had gezien hoe Persephone 3 pitjes van een granaatappel had gegeten om haar ergste dorst te lessen. Als compromis moest zij van elk jaar 3 maanden naar Pluto terug keren. Demeter zou het weer op aarde daar op aanpassen.
De 3 maanden symboliseren de winter. En elke keer als Persephone weer terugkeert naar de aarde begint de lente.

De christenen kerstenden de mythe door de granaatappel te associëren met dood en wederopstanding. Op vele afbeeldingen van Maria met het kindje Jezus is ook een granaatappel afgebeeld.
Het verhaal gaat dat de appel die Eva at waardoor ze het paradijs moest verlaten een granaatappel was.
In bijna alle grote religies wordt de vrucht gebruikt als een symbool.
Voor de Joden staat de granaatappel voor vruchtbaarheid. Zoals de eerste regel in de Thora vermeld: “Be fruitfull and multiply”
De Arabische cultuur beschouwde de vrucht als sensueel. De vorm en de smaak waren een inspiratiebron voor de beschrijving van een vrouw in gedichten.
Ganesha, de Indiase god met het olifantenhoofd heeft vaak een granaatappel in een van zijn handen en symboliseert daar rijkdom.
De Chinezen uit de oudheid geloofden dat het sap van de vrucht een zielenconcentraat bevatte waardoor ze onsterfelijk zouden kunnen worden.
De Babyloniers dachten er onzichtbaar van te worden tijdens de strijd.
De profeet Mohammed predikte dat het zaad van de granaatappel je verloste van jaloersheid en haat. Berberse vrouwen gooiden een rijpe vrucht in een getrokken cirkel. Het aantal cellen dat buiten de cirkel viel stond voor het aantal kinderen dat ze zouden baren.
In de hekserij past de granaatappel bij Samhain.

Van de medicinale werking van de granaatappel is hier weinig bekend. Toch heeft ze een paar interessante toepassingen.
Onderzoekers hebben onlangs ontdekt dat granaatappels driemaal zoveel antioxiderende activiteit hebben als andere bioflavonoïden, zoals die in rode wijn en groene thee. De belangrijkste actieve componenten van de granaatappel zijn de polyfenolen en ellaginezuur. Deze stoffen komen in zeer hoge concentraties voor en zijn uitermate effectief in het opruimen van vrije radicalen, vooral de vrije radicalen die door tabaksrook worden geactiveerd.

Het drinken van het sap stopt het hoesten en verlicht koorts.
Een granaatappel eten na een maaltijd voorkomt dat de maag van streek raakt.
Het regelmatig eten van de vrucht doet hartkloppingen verminderen.
Poeder gemaakt van de schil verlicht diarree. Een aftreksel van de bast verwijdert parasieten zoals wormen.
De vrucht werd ook wel toegepast bij problemen met de menstruatie en vruchtbaarheid. De Egyptenaren vonden naar wat men aanneemt het eerste anticonceptivum ter wereld uit. Het gaat om een kegeltje gemaakt van granaatappelzaden en was.  Waarschijnlijk voorkwam het de eisprong doordat granaatappels een natuurlijk oestrogeen bevatten.

Het fruit is hier in Nederland het gehele jaar verkrijgbaar met een hoogseizoen van oktober tot januari. Ze wordt altijd rijp geoogst en een glad exemplaar is weken goed te houden op een koele plaats. Naar mate ze ouder worden verdroogd de schil en wordt hard. De beste soort granaatappel is de ‘Imlisi’.
Ik eet haar het liefst vers, al moet je enige handigheid verwerven om de cellen uit de schil te krijgen. De makkelijkste manier is om de boven en onderkant af te snijden en de schil te kerven zoals je dat met een sinaasappel doet. Buig de schil boven een ruime kom. Verwijder de cellen met de hand. Er wordt wel gezegd dat het nog eenvoudiger is om de cellen onderwater te verwijderen. De vliesjes blijven drijven en de cellen zakken naar de bodem.
Granaatappel is heerlijk in (fruit)salade en bij gevogelte. Ze is het hoofdbestanddeel van de grenadinelimonade.

Verse granaatappellimonade:
2 grote granaatappels
3 dl ijskoud water
1 theelepel rozenwater
suiker naar smaak
sap van ½ citroen
 Wip de pitten uit de granaatappels. Wrijf ze met de andere ingrediënten door een zeef of gebruik de keukenmachine.

Grenadine siroop:
Pel de granaatappels en vul aan met water tot ze er net onder staan. Kook 5 minuten. Zeef en gooi de pitten weg. Meet de hoeveelheid vloeistof en vul aan met de zelfde hoeveelheid suiker. Laar het geheel 15 minuten zachtjes sudderen. Schenk in een schone fles. Gekoeld bewaard blijft het maanden goed.



Pinksterbloem - cardamine pratensis

De naam doet vermoeden dat ze bloeit met Pinksteren, maar meestal is ze dan al uitgebloeid. Dit ranke plantje bloeit in het vroege voorjaar, van april tot juni en is te vinden in vochtige graslanden en langs slootjes. Helaas wordt zij steeds schaarser door de overbemesting van het land.

De pinksterbloem, ook wel de veldkers genoemd, is familie van de waterkers en komt voor in het noorden van het Amerikaanse continent, Groenland, Europa en het noorden van Azië. Het is een kruid wat overblijft door middel van een wortelstok. De plant wordt ongeveer 30 centimeter hoog en heeft witte, lila of paarse trosvormige bloemetjes. Het blad staat verspreid langs de stengel of in rozetvorm. Ze wordt bevrucht door de bijen en laat haar zaad op de grond vallen. Ze kan ook vermeerderd worden door het scheuren van de wortelstok. Er bestaat ook een gekweekte soort: Floro Pleno.
De Pinksterbloem is een waardplant voor het Oranjetipje (vlinder) en de favoriete verblijfsplaats van de Schuimcicade, een kevertje dat het schuim veroorzaakt wat vaak op de pinksterbloem te vinden is.


De geslachtsnaam Cardamine is waarschijnlijk afgeleid van het Griekse cardia, wat hart betekend. In vroegere tijden werd dit kruid toegepast bij hartkwalen. De toevoeging pratensis betekent “in de weide”.
De geneeskrachtige eigenschappen van de Pinksterbloem zijn nagenoeg gelijk aan die van de waterkers. Zij bevat een hoog gehalte aan vitaminen ( met name vit. C ) mineralen en mosterdolie. Hierdoor heeft ze een stimulerende werking op de algehele stofwisseling, werkt ze bloedzuiverend en urinedrijvend.  Vooral de maag, darmen, lever en nieren hebben baat bij de Pinksterbloem. Ze kan dan ook worden ingezet bij verminderde eetlust, verstoorde darmflora en reinigingskuren.
Het kruid kan het beste vers gebruikt worden. Verzamel in het vroege voorjaar de bladeren en bloemen. Ze is een excellente toevoeging in salades en soepen.

Andere toepassingen:
Pinksterbloemsap: Bij stoornissen aan spijsvertering en urinewegen. Pers 50 gram verse gesneden plant uit en drink het sap (eventueel verdund met evenveel water) verspreid over de dag op.
Pinksterbloemthee: Bloedzuiverend. Laat 20 gram gesneden bloeiende plant 5 minuten koken in een halve liter water en daarna 10 minuten trekken. Drink elke dag 2-4 kopjes.
Pinksterbloemwijn: Versterkend. Laat 50 gram gesneden bloeiende plant 2 weken trekken op 0,7 liter rode wijn. Drink, na filteren elke dag een likeurglaasje.
Mellie Uyldert noemt ook nog de toepassing bij zenuwkrampen zoals hysterie en epilepsie.

In vroegere tijden werd dit kruid verkocht op de markt als toekruid of als onderdeel van een salade. De smaak is ongeveer gelijk aan die van de waterkers. Doordat de laatste steeds populairder werd is het gebruik van de pinksterbloem in de vergetelheid geraakt. De plant wordt ook wel  koekoeksbloem genoemd, daar zij tegelijkertijd verschijnt met de eerste Koekoek.
Magisch gezien is de Pinksterbloem in te zetten bij liefde en vruchtbaarheids rituelen.
Ze verdient dan ook een plaatsje in de krans die je maakt voor Beltane.  Ze bezit de vrouwelijke polariteit en correspondeert met de Maan, Venus en het element water.



Wilde peen - Daucus carota

Wilde peen - Daucus carota.

Let op: Dit artikel dient ter informatie. Gebruik op eigen verantwoordelijkheid.

Voordat moderne anticonceptie middelen hun intrede maakten waren vrouwen  afhankelijk van kruiden om ongewenste zwangerschappen te voorkomen. Een van de oudst bekende planten die werden ingezet als orale anticonceptie was Silphium, familie van de venkel. Het kruid was zo gewild dat het omstreeks de derde eeuw is uitgestorven. Door de eeuwen heen is men op zoek geweest naar kruiden die een vergelijkbare werking hebben en werden ook als zodanig toegepast. Voorbeelden hiervan zijn Wilde Yam, Katoenplant, Slangenwortel, Peterselie, Bijvoet en Vrouwenwortel. Geen van deze planten geven 100% zekerheid dat een zwangerschap kan worden voorkomen en het gebruik is lang niet altijd zonder risico.
Het meest interessante kruid is echter de Wilde Peen, de wilde variant van de wortel. Hippocrates beschreef 2000 jaar geleden al de eigenschappen van dit kruid.
De afgelopen decennia hebben er diverse wetenschappelijke studies over Wilde Peen plaatsgevonden.

De werking van Wilde Peen.
Het zaad van de Wilde Peen zorgt ervoor dat een bevruchte eicel zich niet kan nestelen in de baarmoederwand. In China acht men het bewezen dat de werkzame stof in het zaad van de Wilde Peen de progesteron synthese blokkeert in muizen. Progesteron zorgt ervoor dat de baarmoederwand klaar is om het eitje te ontvangen. Als dit niet het geval is zal het eitje verschrompelen en de menstruatie op gang komen.

Naar aanleiding van deze studies heeft Robin Bennet een experiment in New York geleid waarin 12 vrouwen een jaar lang Wilde Peen gebruikten als anticonceptie.
Gedurende dit experiment raakte 1 vrouw zwanger. Zij gebruikte Wilde Peen dagelijks, behalve de maand van bevruchting, toen gebruikte zij het kruid slechts 3 dagen rond haar ovulatie i.p.v. de voorgeschreven 7 à 10 dagen. Twee andere vrouwen voelden zich zwanger, maar dit werd niet bevestigd.  Beiden gebruikten aanvullend menstruatie
bevorderende kruiden met goed gevolg. Eén van deze vrouwen gebruikte Wilde Peen alleen de 7 dagen rond de ovulatie. Alle andere vrouwen gebruikten het kruid dagelijks.
Voor de helft van de vrouwen was Wilde Peen zaad hun enigste methode om zwangerschap te voorkomen.

In Amerika is er sindsdien in toenemende mate interesse in het gebruik van kruiden als anticonceptie. Op verschillende fora valt te lezen dat de vrouwen die Wilde Peen gebruiken het meest succes hebben. Hierbij moet worden opgemerkt dat de vrouwen die succes hebben een goed inzicht hebben in hun cyclus en met grote zekerheid kunnen bepalen wanneer hun ovulatie plaats vindt. Daarnaast onthouden de meeste zich van seks op de piek van hun vruchtbaarheid (1 à 2 dagen) of gebruiken een condoom.

Gebruik:
Er zijn 3 methoden om het wilde peen zaad in te zetten. Voor alle methodes geldt dat er per dag een theelepel zaad wordt ingenomen, het liefst tussen de maaltijden door. Het is belangrijk dat er goed gekauwd wordt (60 keer) zodat de etherische oliën vrijkomen. Spoel weg met water, vruchtensap of melk.
Het is belangrijk dat de eerste twee maanden een aanvullende anticonceptie methode wordt toegepast om het lichaam de tijd te geven zich aan te passen.

1) De gehele cyclus door elke dag een theelepel.

2) Na elke onveilige vrijpartij in de vruchtbare periode: Start direct na de vrijpartij en doe dit tot aan de menstruatie.

3) Maandelijks rondom de vruchtbare periode: start 5 à 7 dagen voor je verwachte ovulatie en ga door tot 5 à 7 dagen na je ovulatie. Deze periode is afhankelijk van de regelmaat van je cyclus en hoe accuraat je de dag van ovuleren kan inschatten.

Bijwerkingen:
In een enkel geval werd er twee dagen na de start een pijnlijke jeuk aan de vulva gerapporteerd. Het leek om een schimmelinfectie te gaan, maar dit bleek niet het geval. Twee dagen na het stoppen waren de klachten verdwenen. Bij een tweede poging trad deze bijwerking niet meer op.
Sommige vrouwen hadden last van obstipatie. Dit kan verholpen worden door meer vocht te drinken.
Daar Wilde Peen fyto oestrogenen bevat is het mogelijk dat er bijwerkingen optreden die lijken op die bij pil gebruik. Behalve dan een lichte gewichtstoename zijn er echter niet gemeld.

Dosering:
De genoemde dosering werkt bij vrouwen van gemiddeld gewicht en lengte. Pas zo nodig de hoeveelheid aan.

De smaak:
Wilde Peen heeft een zware olieachtige smaak, maar niet onoverkomelijk.

Contra-indicaties:
Wilde peen is niet geschikt voor vrouwen met lever of nierproblemen. Ze kan niet gebruikt worden in combinatie met bloeddruk regulerende medicatie en hormonale therapieën.

Verkrijgbaarheid:
Het zaad van de Wilde Peen is niet te koop in Nederland, maar je zal verbaast zijn hoe vaak je het in de vrije natuur tegen komt.

Oogsten:
Wees er absoluut zeker van dat je de juiste plant te pakken hebt. Neem fotomateriaal mee om te vergelijken. Er zijn meerdere planten die op wilde peen lijken. Deze zijn echter giftig!  Zoek naar de plant met kleine haartjes op de stelen en bladeren. De bloemen van de wilde peen hebben vaak een donker paars bloempje in het midden, maar dit is niet altijd het geval. De bladeren hebben de zelfde vorm als  van de bospeen die je in de winkel koopt. Alle delen hebben een sterke wortelgeur als je ze kneust. Als de zaadhoofden rijp zijn krullen deze op als een vogelnestje.
Laat beslist de helft van de planten staan zodat je er zeker van bent dat er volgend jaar weer te oogsten valt. Zoek op plekken waar zo min mogelijk verkeer komt, en de grond niet vervuilt is.
De zaden rijpen in de maanden september en oktober. Ze zijn dan bruin en droog. Knip de koppen af. Laat ze binnenshuis een paar dagen uitgespreid drogen en wrijf dan de zaden eraf. Op een winderige dag schud je ze in een grote schaal om het kaf te scheiden. Bewaar het zaad in een donkere glazen goed afsluitbare pot. Vernieuw je voorraad elk jaar. Verspreidt eventueel overgebleven zaad van het vorige seizoen in je tuin of op de plek waar je oogst.

Zelf kweken:
Wilde peen is een tweejarige plant. Dit houdt in dat ze pas in het tweede jaar bloeien en zaad leveren. Ze houdt van een zonnige plek, maar redt het ook in gedeeltelijke schaduw. De plant kan niet verplaatst worden, dus dient direct op de plaats van bestemming gezaaid te worden. Gebruik zaden van zaadhoofdjes die al gesloten zijn, herkenbaar aan de vorm van een vogelnestje. De zaden dienen bruin te zijn. Zo weet je zeker dat het zaad zich volledig ontwikkeld heeft en in staat is om in het volgende seizoen te ontspruiten.

Persoonlijke mening:
Wilde Peen geeft GEEN 100% betrouwbaarheid. Wel zie ik mogelijkheden om je veilige dagen wat uit te breiden. Je moet minstens een jaar lang je cyclus observeren om goed inzicht te krijgen in de lengte ervan. Daarnaast is het belangrijk om de tekenen te leren herkennen die je lichaam geeft als ovulatie plaats gaat vinden. Let hiervoor vooral op de slijmkwaliteit, gevoeligheid van de borsten, pijntjes in de onderbuik en het eventuele verlies van wat bloed. Het bijhouden van een dagboek is hiervoor essentieel.
Persoonlijk hecht ik grote waarde aan de geboortemaanfase. Ook op die dag ben je meer vruchtbaar dan normaal en zou ik aanvullende voorzorgsmaatregels treffen.



Vlier - Sambucus Nigra

Een stek van de Vlier zul je in het tuincentrum niet vinden, er zijn nog maar weinig mensen die haar kunnen appreciëren. Dat is jammer, want de Vlier heeft een grote rol gespeeld in mythen en volksverhalen en ze is waardevol om haar veelzijdige toepassingen.
De Vlier is een snelgroeiende struik die vrij algemeen in Nederland voorkomt en eeuwen oud kan worden. Ze vertoont een onregelmatig en sterk vertakt silhouet. De stam van de vlier heeft een gebarsten schors, de takken en twijgen bevatten een dik wit merg. De jonge twijgen zijn zacht en buigzaam. Bij het ouder worden verhouten ze en worden keihard. Ze krijgen een grijsbruine kleur, een wat wrattig aspect en vertonen grove lengteribbels.
De bladeren zijn samengesteld, smal en veervormig en bestaan uit vijf of zeven ovale of lancetvormige blaadjes met sterk getande randen, eindigend in een punt. Als de vlier halverwege mei/juni bloeit doet ze dat met kleine, crèmewitte, vijf puntige bloemetjes en vormen schijnschermen tot wel 20 cm doorsnee. Ze verspreiden een indringende geur die licht bedwelmend is. In augustus worden de bloemen gevolgd door trossen van bessen, die kleuren van groen, via rood naar diep blauw zwart. De struik is geschikt voor vochthoudende, stikstofhoudende (vervuilde) grond, in de zon of halfschaduw.
Inhoudstoffen: Flavonen, looistoffen, slijmstoffen, etherische olie, alkaloïden, vit. B4, C, kalium, calcium. 

Al bij de oude Germanen een heilige boom, die in verband werd gebracht met de Godin Holda. Na de kerstening maakte ze haar rentree als de sprookjesfiguur Vrouw Holle. In het Duits heet de Vlier dan ook nog steeds Hollunder.
De Vlier kende vele volksnamen; Holderboom, Hollestere (NL) Elder, Hollowtree (ENG) om er maar een paar te noemen.
De vele benamingen zijn overigens een aanwijzing voor de grote betekenis die de Vlier altijd heeft gehad: hoe meer volksnamen een plant heeft, des te meer heeft men op verschillende plaatsen onafhankelijk van elkaar de waarde van de betreffende plant herkend.
Sambucus is afgeleid van het Griekse Sambuke, dat fluit betekent. Daar maakte men van oudsher fluitjes uit de jonge twijgen, wat je nu bij ons nog terug vind in het woord Flierefluiter.
Voor de Kelten had de Vlier betekenis als verbinding met de onderwereld, het begeleiden van de geesten van het overledenen naar het schaduwland. Vliertwijgjes werden begraven met de doden om hen te beschermen tegen kwade geesten.
Ook na de kerstening kregen overledenen vaak een kruisje van vliertakken mee, en staken doodgravers een takje vlierbloesem op hun hoed als ze een overledene gingen ophalen. De maat van de overledene werd genomen met een Vliertwijg.
Voor de Germanen was de Vlier een heilige struik want ze bood bescherming tegen boze geesten en trok goede geesten aan. Je mocht haar daarom niet zomaar omhakken, maar altijd eerst je respect betonen. 

Begin 20ste eeuw werd er in sommige gebieden van Nederland nog gezegd dat je voor de “Vliermoeder”, die als de beschermgodin van het huishouden gold, de hoed moet afnemen; waarmee nog iets van dat oude respect duidelijk wordt.
Vroeger plantte men de Vlier vlak bij het huis, het liefst onder het keukenraam, omdat de vlier bescherming bood tegen vliegen en ongedierte. Vliegen mijden over het algemeen de Vlier en zullen dus ook minder gauw binnenvliegen in een keuken waar een Vlier voor het open venster staat. Zo was er minder kans op besmetting.
Het jonge hout is zacht en uit te hollen. Traditioneel werd de panfluit van Vlier of van riet gemaakt. Het oudere hout is erg hard en werd gebruikt voor priemen, slagerspennen, weefnaalden en ter vervanging van ebbenhout.
Het merg is zeer licht en kan gebruikt als watten of om fijne instrumenten schoon te maken. Metaal dat met vlier wordt ingewreven roest niet en hout van wormen gevrijwaard.

Zoals wel meer met magische bomen en struiken kreeg de Vlier na de kerstening een slechte reputatie: Judas zou zich aan een Vlier hebben opgehangen, nadat hij zich eerst een oor had afgesneden. Dat oor groeit nu nog altijd op oudere vlierstruiken: een eetbare zwam die Judasoor heet. Ook zou het kruis waaraan Christus werd gekruisigd van Vlierhout zijn gemaakt.

Vlier- magisch en medisch.
De Vliermoeder was de godin van het huishouden. Ze bood bescherming, troost en genezing voor elk huis waar ze geplant werd. Nagels, tanden en haren werden onder haar begraven zodat niemand er magie mee kon bedrijven.
Een kwaal of wrat kon je kwijtraken door het over te brengen op een vliertak en het daarna in de grond te steken. Daarom moest je een dergelijke tak nooit aanraken, want dan zou je die ziekte kunnen krijgen.
Kruisjes gemaakt uit vliertakjes werden in stallen en schuren opgehangen om het vee te beschermen.
Wie zich onzeker voelde zocht een oude vlierstruik op. Je pakte die dan goed vast en concentreerde je, en na een tijdje voelde je het zelfvertrouwen terugkomen.
Om jezelf te beschermen plukte je een vliertwijg in oktober, vlak voor volle maan. Het hout wat tussen twee knoppen zat brak je in negen stukjes en stopte het in een linnen doekje. Het zakje droeg je om je hals ter hoogte van je hart, tot dat de draad brak. Daarna moest het begraven worden op en plek waar het niet gevonden kon worden.
De vlier, en daarmee de vliermoeder werd behandeld met respect. Als je vlier nodig had werd daar altijd eerst om gevraagd. Het branden van vlier bracht echter ongeluk; een verwijzing hiernaar vind je in de wiccan rede.
”Elder be ye Lady's tree - burn it not or cursed ye'll be”

Elke heks met een tuin van enige omvang, zou daarin zeker een vlier moeten hebben. De vlier verdrijft negatieve invloeden, en kan gebruikt worden in zegeningrituelen. Op Litha kunnen wezens uit andere werelden rond de struik worden gezien, zeker als je de ogen vooraf bet met het sap uit de groene twijgen. De bloesems kan je gebruiken als altaarversiering. De takken worden vaak gebruikt als toverstaf.
De vlier wordt beschouwd als een vrouwelijke struik, horend bij de planeet Venus en het element lucht.
De Vlier symboliseert Crone (wijze, oude vrouw), het Schaduwland, het verdrijven van negatieve krachten, visioenen en contact met de geesten.
Het zomerse uiterlijk van de vlier is vriendelijk, vrolijk en zacht. In de herfst toont de vlier ons zijn andere kant, het hout is dan taai en de struik lijkt veel strenger en statiger. De signatuurleer wijst hiermee op dat de vlier enerzijds de strenge, starre mens zachter kan maken en anderzijds de te zachte en meegaande mens leert structureren en afbakenen.

Vlierbloesemthee verhoogt de weerstand en is een lekkere thee om te drinken, ook voor kinderen. Dit maakt het een uitstekende thee om te drinken bij griep en verkoudheid. Ook bij verschillende infecties voornamelijk die van de bovenste luchtwegen als angina en amandelontsteking bewijzen zowel de thee als de tinctuur goede diensten. Door de zweet - en urinedrijvende werking wordt het lichaam gereinigd van ziekteverwekkers. Bovendien heeft Vlierbloesemthee een troostende en kalmerende werking. Vlier reinigt het bloed en stimuleert de bloedvorming. In sommige gevallen heeft Vlier een preventieve werking tegen hooikoorts. 

Vlierbloesem is gemakkelijk zelf te drogen voor het gebruik in thee, oogst de bloemschermen als er flink geel stuifmeel op zit, eind mei of juni, leg ze omgekeerd op wit papier en laat ze een week drogen, houdt er rekening mee dat de drogende bloemen een aantal dagen een onaangename kattenpislucht kunnen hebben, maar dat trekt gauw weg, bij gunstige omstandigheden zijn ze na een week al droog en kan men de bloemetjes van de schermen rissen, bewaren in een van lucht en licht afgesloten pot, dit kan men een jaar gebruiken Vlierbloesemthee is zeer veilig en voor iedereen toepasbaar.
Vlierbloesem wordt beschouwd als tonisch voor de huid, is licht astringerend (samentrekkend) en kan daarom nuttig zijn bij couperose. Het kan ook gebruikt worden om sproeten en huidverkleuringen te bleken en om de huid een wat lichtere teint te geven.
Uit wetenschappelijk onderzoek is gebleken dat vlierbessen een stof bevatten die de werking belemmeren van het enzym dat griepvirussen gebruiken om lichaamscellen binnen te dringen.

Nog enkele recepten:

Een verzachtende crème voor droge een geïrriteerde huid:
Doe vijf delen amandelolie en één deel Lanoline in een pan. Verwarm het au bain marie totdat de twee oliën samensmelten. Voeg dan de bloesem toe totdat ze net bedekt zijn met de olie. Verwarm dit mengsel een half uur lang terwijl je rustig roert. Zeef het dan en voeg een beetje honing toe. Giet het geheel in een gesteriliseerde pot.

Vlierbessenmelk:
Week ongeveer 10 bessen in een glas melk. Goed tegen een kater en bij lever of nier klachten.

Vlierbessengeest:
Overgiet vlierbessen met brandewijn tot dat ze net onderstaan. Laat dit afgedekt twee weken in de zon staan. Daarna pers je de bessen licht uit.
Elke dag een klein glaasje als preventief griepmedicijn.

Vlierkoekjes:
Oogst de schermen als ze gelig zijn van het stuifmeel. Schud eventueel ongedierte eruit. Haal ze door het pannenkoekenmeel die voor dit recept iets dunner is dan normaal. Uit laten druipen en kort frituren in hete zonnebloemolie.

Vlierbloesemlimonade:
Overgiet de bloemschermen met water tot ze net bedekt zijn. 4 a 5 dagen laten trekken in de zon, daarna bloemen zacht uitknijpen en het sap zeven en in flessen of kannen doen.

Vlierwortelwijn:
Neem een eetlepel fijngesneden en schoongemaakte wortel en begiet het met droge witte wijn. Kook het kort en filtreer het. Bewaar de wijn in een schone fles. Versterkt de nierfunctie, reinigt de darmen en verminderd oedemen. Neem 2 of 3 maal daags een klein slokje.



....

Site Map